Matchen aan de kade | Oude Doos

13 september 2017 | JanWillem Nijkamp

JanWillem Nijkamp

Feedervisser en IJsselspecialist

Dit artikel verscheen eerder in Witvis Totaal magazine no. 84
Meer weten over een abonnement? klik hier

 

De havens zitten in de koudere perioden doorgaans vol met vis, met name blankvoorns. Vooral met de vaste hengel worden hier vaak prachtige vangsten geboekt. De vaste stok is echter niet de enige manier om succesvol te vissen. Er zijn immers ook dagen dat de vissen op afstand zwemmen, of dat je niet met de stok vooruit kan omdat de steigers verboden terrein zijn, of wanneer de vis zich terugtrekt. In dat geval komt de matchhengel weer in beeld.  Jurgen Spierings laat zien hoe je dat kunt aanpakken.

BIjna 20 meter breed; mooie afstand voor de matchhengel!

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Een beetje doe-het-zelven...

 

We hebben afgesproken in de aanloophaven van Huizen. Dit water ontvangt in de winter de beschutting zoekende vissen van het Gooimeer. De aanloophaven is een bekend water onder wedstrijdvissers. Er wordt hier niet vanaf steigers gevist, maar gewoon vanaf een betonnen kade. De breedte van het water is rond de 18 meter. Tijdens wedstrijden is het doorgaans niet zo, dat je van begin tot eind met een vaste stok van vier deeltjes kunt blijven vissen. Gaandeweg worden de vissen wijzer en trekken zich terug richting overkant. Dit zijn de momenten dat de matchhengel ervoor kan zorgen dat je vis blijft vangen.


Matchen aan de kade - Oude doos

De speci-waggler met een gevoelige dunnere antenne.

 

Speci-dobbers

In het koude water azen vissen erg voorzichtig. Hoewel voorns vaak massaal aanwezig zijn, wil dat niet zeggen dat er niet scherp gevist hoeft te worden. Een gewone matchdobber heeft meestal een vrij dikke antenne en dat is op zich logisch omdat deze anders niet te zien is op grotere afstand. Een dikke antenne betekent echter ook meer weerstand voor de azende vis en dat moet je nou net zien te voorkomen. In de haven blijft de visafstand doorgaans binnen de perken en volstaat ook een dunnere antenne. Jurgen prepareert voor deze visserij zijn eigen dobbers. Kritisch als hij is, volstaat alleen het allerbeste. En wanneer dat allerbeste niet in de winkel te koop is, gaat hij zelf aan de slag. Jurgen gebruikt de Dura wagglers van Preston met verwisselbare antenne. De antenne haalt hij er uit, snijdt deze doormidden en boort een klein gaatje in het restant van de antenne. Hierin wordt een glasvezel of carbon staafje geplaatst en verlijmd. Over het andere uiteinde van het staafje schuift Jurgen een holle antenne van een dobber die bij het vastestokvissen wordt gebruikt. Vervolgens kan de verlengde antenne weer terug in het drijflichaam worden geplaatst en is de speci-waggler klaar voor gebruik. De dunnere antenne registreert aanzienlijk gevoeliger dan het origineel, maar is nog steeds prima te zien. De dobbers loodt Jurgen zodanig uit dat de antenne slechts enkele millimeters uit het water steekt en dus elke aanbeet direct verraadt.

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Even de lijn ondertrekken...

 

 


 

De dunnere antenne registreert aanzienlijk gevoeliger dan het origineel, maar is nog steeds prima te zien

 


 

 

Vast of schuivend?

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Een slidermontage en een semi-vaste montage.

 

Matchvissen kan natuurlijk op twee manieren, met een schuivende dobber of met een vaste pen. Dit zijn twee totaal verschillende methodes, die elk hun specifieke voor- en nadelen hebben. In de meeste havens is de diepte niet zodanig dat de slidertechniek noodzakelijk is. Jurgen kiest dan ook het liefst voor het vissen met een vaste dobber, waarbij het overgrote deel van het loodgewicht in de basis van de waggler gemonteerd zit. De dobber wordt tussen enkele loodhagels op de hoofdlijn gefixeerd. Bij het gebruik van relatief lichte matchdobbers hebben dobberconnectors al snel een negatieve invloed op de stabiliteit van de dobber tijdens de worp. Aangezien de werpafstand in de aanloophaven van Huizen niet meer dan 18 meter bedraagt, volstaat een dobber van 3 gram. De matchhengel waar Jurgen mee vist, de Absolute Super Float, heeft een lengte van 13 voet, oftewel 3,90 meter.

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Meer dan dit is niet nodig volgens Jurgen. Grondvoer ontbreekt...

 

Loodzetting

Het plaatsen van het lood op de juiste plaats van de montage is erg belangrijk en bepaalt uiteindelijk de aasaanbieding. Jurgen legt uit: “De diepte is maximaal twee meter dus is het niet nodig om veel lood op de lijn te plaatsen.

 


 

Bij wedstrijden in deze haven heeft Jurgen meestal genoeg aan een bak hennep en een halve liter casters

 


 

Daar komt bij dat de ervaring mij hier heeft geleerd dat de vissen erg gevoelig reageren op hoe het aas naar beneden valt. Een goede presentatie resulteert in aanzienlijk meer en betere aanbeten. Ik kies er bij deze visserij voor om vrijwel al mijn lood bij de dobber te plaatsen.”

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Heerlijk aan de lopende band kleine vis vangen.

 

Op de lijn plaatst hij nog slechts drie no. 8 valloodjes. Twee hiervan vormen een minibulkje op circa 60 cm van de haak en het laatste loodje komt tegen de 20 cm lange onderlijn. Dankzij deze loodzetting valt het aas zo natuurlijk mogelijk naar beneden en eenmaal daar, volgt vaak snel een aanbeet. Een ander voordeel van deze relatief eenvoudige opzet, is het feit dat je het eigenlijk nooit in de war gooit, hoewel je toch veelvuldig ingooit en binnendraait.

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Je moet de vis alleen geïnteresseerd houden, want ze zitten er al!

 

Ritme

Om de diepte correct te peilen, knijpt Jurgen een loodhagel op de haak die de dobber net niet meer kan dragen. Door de dobber net zo lang iets dieper te zetten totdat de antenne weer boven water staat, is de juiste diepte met slechts enkele worpen reeds gevonden. De dobber wordt afgepeild op een staande haak. Het onderlijntje van 20 cm met een diameter van 10/00 heeft een haakje no 18, Preston PR333. Op de haak vist Jurgen steevast met een enkele caster. Dit is bij de havenvisserij het beste aas.


Na het ingooien steekt Jurgen de hengeltop even onder water en met een ferme tik wordt de lijn onder water getrokken. Met de katapult schiet hij afwisselend wat gekiemde hennep of enkele casters bij de dobber. Binnen enkele minuten worden de eerste vissen gevangen, zowel voorn alsmede de nodige baarzen en baarsjes. Het ritme komt er snel in bij onze specialist en na elke worp verdwijnt de dobber, zodra deze zich scherp heeft gesteld,  onder water en wordt de ene na de andere vis gehaakt. Hoewel Jurgen tijdens deze sessie veel kleine vissen vangt, ligt er na enkele uurtjes vissen een behoorlijk vrachtje vis in het net. Gevangen met de match tegen de overkant van het water.

 

Niet te dun!

Bij het matchvissen in algemene zin is het een aanrader om de hoofdlijn niet te dun te kiezen. Jurgen zweert bij hoofdlijnen van 16/00 of 18/00. Ten eerste is de hoofdlijn dan minder kwetsbaar, maar belangrijker nog: een iets dikkere hoofdlijn gooi je niet zo gemakkelijk in de war.

 

Matchen aan de kade - Oude doos

 

 

Geen grondvoer

Het valt op dat Jurgen geen grote hoeveelheden aas en voer gebruikt. Hoe zit dat? Jurgen: “Het is een feit dat er reeds veel vis aanwezig is. Het is dus niet zozeer een kwestie van vissen lokken, maar vooral zaak om de vissen geïnteresseerd houden. Om dat te bewerkstelligen, geloof ik niet in het gebruik van grondvoer. Het los bijvoeren van hennep en casters volstaat.”

 


 

Naarmate een caster donkerder is, valt deze steeds langzamer door het water

 


 

Bij wedstrijden in deze haven heeft Jurgen dus meestal genoeg aan een bak hennep en een halve liter casters. Is het dan ook niet belangrijk om een kleine en geconcentreerde voerstek te maken? Jurgen nogmaals: “Ik probeer wel om steeds het aas op de zelfde plek te schieten zodat de voerplek zelf zo klein mogelijk blijft. Een school met voorns staat echter niet stil. Wanneer de aanbeten plotseling uitblijven, kan het zinvol zijn om een meter naar links of rechts in te werpen. Het kan dan goed zijn dat je direct weer vissen vangt. Al die voorns trekken natuurlijk ook de nodige rovers aan die een school kunnen verstoren waardoor deze zich verplaatsen.”

 

Matchen aan de kade - Oude doos

Een leuke matchdag in de haven!

 

Alternatief

Wanneer de diepte ter plekke zo groot is dat een vaste dobbermontage niet meer volstaat, neemt Jurgen zijn toevlucht tot de slider. Een slider geeft echter een heel andere aaspresentatie. Het bulklood zit immers niet bij de dobber, maar op een lager punt op de lijn. De loodzetting is erop gericht om zo snel mogelijk het aas naar de bodem te brengen.


Jurgen gebruikt de volgende lijnopzet. De slider schuift over de lijn aan een speldwartel. Boven de wartel komt een klein kraaltje dat voorkomt dat de wartel over het stuitje (dat de diepte markeert) schiet. De dobber rust daarbij op een tweetal loodhagels. Anderhalve dobberlengte onder de slider monteert hij het bulklood, dit bestaat uit een Olivette die gefixeerd wordt tussen loodhagels. Zodoende kunnen slider en bulk elkaar niet raken tijdens de worp en worden pruiken voorkomen. Zo’n 60 cm onder de bulk wordt de onderlijn geplaatst. Verdeeld over deze 60 cm komen een drietal valloodjes nummer 6. Voor de visserij op voorn volstaat wederom een onderlijn van 20 cm.


Naarmate een caster donkerder van kleur wordt, valt deze steeds langzamer door het water. Een drijvende caster zal door het gewicht van de haak weer nipt gaan zinken. Een mooiere zwevende aasaanbieding is haast niet te verkrijgen voor moeilijk azende vissen.
Met deze tips kun je de matchhengel misschien weer eens tevoorschijn halen vanuit de winterstalling, want ook de havenvisserij biedt genoeg kansen voor een leuke matchdag!


Reactie plaatsen

 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.