De juiste keuzes | Blog Bradley van Horssen

05 juni 2017 | Bradley van Horssen

Bradley van Horssen

Wedstrijdvisser

Nu het seizoen in volle gang is, hoef ik niet meer zoveel tijd te besteden aan de voorbereidingen. Wel worden er natuurlijk tussen de wedstrijden door nog voortdurend lijnen geknoopt en onderlijnen gemaakt. Ook wordt het materiaal nagekeken op ‘gebruiksschade’ en eventueel vervangen of gerepareerd. Tijdens de eerste wedstrijd van de nieuwe serie van de Witvis Totaal Carp Classics (WTCC) die ik moest vissen op de karpervijver van Toms Creek lootte ik stek nummer 1 (origineel 18 en dat gaf zowaar enig perspectief op een mogelijke overwinning. Maar daarvoor speelde zich meer af...

 

Om mijn wedstrijden maximaal voor te bereiden, maak ik met name in de rustige tijd thuis heel wat tuigen en onderlijnen gereed, om deze aan het water te monteren aan de topsets van mijn vaste stokken. Je kunt immers veelal pas aan het water definitief zeggen welke materialen je die dag moet gaan gebruiken, een en ander afhankelijk van de gelote stek en de weersomstandigheden. In mijn ogen is het in ieder geval zo dat elke stek zijn eigen aanpak vergt. Als hengel voor de eerste WTCC-wedstrijd koost ik voor mijn MAP TKS 501 2G en met maximaal 9,5 meter was de hengellengte vooraf al bepaald door de organisatie. Op zich ideaal want die 501 is op 9,5 meter perfect te handelen. En een goede balans betekent lekker vissen! Op stek no. 1 had ik een eiland op een goede 12 meter voor me liggen. Voldoende ruimte dus, ook al omdat de concurrenten aardig ver van mij vandaan zaten.

 

Zoals gebruikelijk prepareerde ik drie voerplekken; twee voor me uit, dicht bij (vier meter) en maximaal weg (9,5 meter) en eentje naast me onder het kantje. Dicht onder de kant voerde ik aan met grondvoer met daarin maden en op de andere twee stekken voerde en viste ik met pellets. Gewoon omdat maden en pellets in mijn ogen prima aassoort zijn voor de vijverkarpers. Nu moest ik nog kijken met welke tuigen ik zou gaan vissen. Ik koos voor een 16/00 Power Optex als hoofdlijn, met twee keuzes aan onderlijnen: een 15/00 en een 13/00 Power Optex. Mijn haakkeus viel op de Gamakatsu Power Carp no. 14 met een aasbandje. Qua aanpak zou ik de 9,5 meter en vier meter lijn verder hetzelfde houden. Dat maakt omschakelen van de ene voerplek naar de ander sneller en dus effectiever.

 

Voor de kantstek oftewel ‘margin’ zette ik een 18/00 Power Optex hoofdlijn in, met daaraan een 16/00 Power Optex onderlijn. Een zeer soepele, maar toch krachtige lijn waarmee ik de dikkere vissen in de kant zou moeten kunnen pareren. Als elastiek monteerde ik de TKS wit en TKS groen en voor de kantstek TKS zwart. Ook deze stieken komen uit het programma van MAP.

 

Mijn vistactiek bestond er uit om veel te wisselen tussen de twee stekken voor me en die elk steeds maximaal 10 minuten te bevissen en allebei goed te onderhouden met voer en maden. Twee uur voor het einde van de wedstrijd richtte ik me dan op de margin. De gekozen aanpak werkte optimaal, want ik won de wedstrijd op Toms Creek met 43 kg en kon met een 1 richting huis. Een vliegende start van de WTCC-competitie!

 

De-juiste-keuzes-02

Ik voer tijdens de dril de stek met de hand bij. Zo heb je meteen weer vers voer op de stek en kun je gauw weer gaan opbouwen.

 

Voor de volgende WTCC ronde reisde ik af naar Appeltern. Visvijver ’t Mun vijver 6/7. Een vijver gevuld met dikke karpers. Eigenlijk niet optimaal voor de vaste stok, maar wel heel spannend! Nu koos ik ervoor om slechts twee stekken te maken. Qua materiaal veranderde ik niet veel, maar ik koos er wel voor om dikker te gaan, omdat de vissen hier gewoon zwaar zijn. Mijn hoofdlijn was nu van 18/00 met keuze uit twee dikten onderlijnen: een 15/00 en een 16/00, allebei voorzien van een Gamakatsu Power Carp no. 14 en een bandje.

 

Op de 11,5 meter lijn viste ik met pellets en ik voerde deze stek gecontroleerd aan doormiddel van de katapult. Vervolgens moest een flexi pot op de top de stek vervolgens verder op gang brengen. Ook nu leek het de moeite waard om een kantstek te maken. Ik had geloot op stek 6 en dat betekende aan de onderkant van de U op vijver 7. Ik weet dat op 11 meter een pijp het water binnen laat en dat was dus zeker het proberen waard. Voor de margin maakte ik daarom een net grondvoertje klaar en 1 liter dode maaien moest hier voor de dikkere vis zorgen. Vanwege die kans op zwaardere karpers, viste ik op die stek bewust dik, met een 20/00 Power Optex als hoofdlijn en een 12 cm lang haaklijntje van18/00 met daaraan een haak no. 12. Dat zou in ieder geval wat meer zekerheid moeten geven. 

 

Ik startte de kantstek met twee cuppen grondvoer en een halve cup dode maaien. Op 11,5 meter open water begon ik met een flexi pot en 6 mm pellets. Na 10 minuten vissen, meldde zich daar de eerste vis. Helaas bleek dat een lijner en ik  sloeg mis. Aanschieten met de katapult en opnieuw proberen. Ik had naar mijn mening te veel last van lijners en bracht nog een cupje 6 mm pellets op de stek. Al gauw ging de dobber onder en nu was het gelukkig wel raak.

 

De-juiste-keuzes-03

Boem, de eerste vissen melden zich!

 

Na één uur vissen en met drie vissen in het net was het tijd om de kantstek aan te voeren. Ik bracht daar twee cups met voer en een halve cup maden en… ging weer door met het vissen op 11,5 meter. De vissen meldden zich daar, maar kreeg gewoon weg te vaak last van lijners. Ik besloot om nu een cup met een klein handje 6 mm pellets te brengen, om zodoende meer aas op de bodem te krijgen. Dit bracht mij op gedachte dat ik verder niet meer moest schieten, maar alleen moest cuppen. Gelukkig werkte deze aanpak en kon ik alsnog weer de nodige vissen landen.

 

Rond 14.00 uur besloot ik om de resterende vistijd alle focus op de kantstek te richten, mede aangezien de 11,5 meter lijn op de een of andere manier volledig was dood gevallen. Ik viste dus verder onder het kantje, met zes maden op de haak no. 12. Aangezien het water aan de kant vrij ondiep was en ik geen vis wilde verschrikken met mijn hengel, viste ik met een lange opslag. Zo kon ik op 50 cm van de kant vissen, met de stok niet boven het water, maar boven de oever. Ik bracht één cup grondvoer en deze keer ook een cup micro’s, afgevuld met maden.

 

De-juiste-keuzes-04

Onder het kantje…

 

Ik hoopte dat de vis zich inmiddels vertrouwd zou voelen onder de kant en dat ik daar snel een vis zou kunnen haken. En zie: dit gebeurde ook. Ik mocht al snel een eerste mooie vis landen, waarna de 2e inzet opnieuw een aanbeet opleverde. Eraf! Vervolgens loste ik vier vissen, voordat ik doorhad hoe dit kon. Een dunnere elastiek om de runnende vis beter te kunnen controleren, bleek uiteindelijk de oplossing. Vanaf toen geen lossers meer en zo eindigde ik uiteindelijk met 32,50 kg als 2e in het vak. Daar was ik opnieuw heel blij mee en ik ga de volgende wedstrijd dan ook met veel vertrouwen tegemoet!


Reactie plaatsen

 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.