De minste maand van het jaar (?) | Blog JanWillem Nijkamp

06 maart 2017 | JanWillem Nijkamp

JanWillem Nijkamp

Feedervisser en IJsselspecialist

In het laatste weekend van februari stond ik even met een collega te praten over onze favoriete hobby. Wij beoefenen verschillende disciplines; hij is roofvisser en ik houd het liever bij witvis en dan vooral bij het wedstrijdvissen. Ondanks onze verschillende invalshoek in onze gedeelde sport, waren we het er wel over eens dat februari niet de beste maand is om te vissen. Sterker nog: misschien wel de minste! Daar kwam afgelopen maand dan ook nog eens het nodige winterweer bij, compleet met sneeuwbuien en gladheid. Geen uitnodigende omstandigheden, zelfs niet voor winterharde doorzetters.

Frank van der Schaft trekt z’n feeder krom op een goede vis.

 

De vissen beginnen weg te trekken van hun overwinteringsplaatsen, zodat je daar de vangsten zienderogen ziet terug lopen. En op de reguliere stekken is het water nog steeds dusdanig koud dat het hier ook niet meevalt om de vissen te verleiden. Maar niet alles is negatief natuurlijk en fanatiek als ik denk te zijn, laat ik me niet tegenhouden door een beetje kou en mogelijk magere vangsten. Het geeft ook wel weer de nodige voldoening, wanneer je een verwachte taaie dag alsnog succesvol kunt afsluiten...

 

Zo viste ik drie weken terug samen met vismaat Jan de laatste van een serie winterwedstrijden in de binnenhaven van Huizen aan het Gooimeer (Randmeren). Toen ik bij de loting steknummer 2 uit de hoge hoed toverde, kreeg ik te horen dat je daar maar beter niet kunt zitten. De week voordien was er aan die zijde van de haven nauwelijks vis gevangen en al helemaal weinig voorn. Maar goed, ik zag er toch een uitdaging in, vooral omdat we de vorige wedstrijd in Huizen winnend hadden afgesloten. Het begin was zoals verwacht erg taai. Op de afstand van vier deeltjes was geen beet te krijgen, terwijl ook op de 11 meterlijn aanvankelijk geen vis te bekennen was. Omdat ik weet dat er vis in de buurt moet zijn, kies ik altijd voor een actieve aanpak. Ondanks de minimale activiteit bij aanvang, probeer ik de vis aan de praat te krijgen door het schieten van los aas. Bij deze visserij geloof ik gewoon in het principe dat er constant aas door de waterkolom moet vallen. En bij verwachte magere vangsten dan vooral gekiemde hennep, met daartussen slechts enkele casters. Vroeg of laat ontdekken de vissen deze voedselstroom en kunnen hun nieuwsgierigheid toch niet  onderdrukken. Uiteindelijk wisten Jan en ik toch een groot aantal (soms piep)kleine voorntjes en baarsjes te vangen, goed voor een gezamenlijk gewicht van ruim 4.300 gram. Genoeg voor een tweede plek in de sector en dit stemde ons tevreden, te meer omdat we beter geachte stekken de baas bleven.

 

De-minste-maand-van-het-jaar-02

’s Winters feedervissen op grote en diepe plassen langs Rijn en IJssel.

 

Eén van de mooiste manieren van wintervissen vind ik persoonlijk feedervissen op grote en diepe plassen langs Rijn en IJssel. Vooral in de diepe delen van dit soort wateren hebben blieken hun plekje gevonden om te overwinteren. Het gaat dan meestal om kleine brasems van 300-800 gram. Deze vissen kunnen uiterst voorzichtig azen en secuur vissen wordt gevraagd, ondanks de soms grote afstand vanaf de kant. Het is opvallend dat op dergelijke plassen verschillende vissoorten zich ieder op hun eigen favoriete diepte ophouden. Blankoorns zwemmen bijvoorbeeld aanmerkelijk minder diep dan blieken en ook de dikke platten liggen vaak ondieper dan blieken. Dankzij een collega-visser in een bellyboot heb ik inzicht gekregen in bepaalde dieptes. Hij kon mij exact vertellen op welke diepte ik viste, door het peilen met een voerkorf blijft dat toch min of meer gissen. We visten die dag op een groot wateroppervlak op twee verschillende afstanden. Tussen de 30 en 40 meter vingen we uitsluitend blankvoorn. De dieptemeter in de bellyboot gaf ter plekke een diepte van acht meter aan. Tussen 60 en 70 meter uit de kant vingen we blieken en het bleek daar zelfs 12 meter diep te zijn. Om een beeld te schetsen: een lege speedkorf van 60 gram doet er dan ongeveer 20 seconden over om de bodem te bereiken.

 

De-minste-maand-van-het-jaar-03

De-minste-maand-van-het-jaar-04

Dergelijke blieken zijn ’s winters voorop op diep water te vinden.

 

Vooral vanaf die grote diepte krijg je hele voorzichtige aanbeten. Het blijft spannend om te zien hoe, soms zelfs diverse malen, een minimaal tikje op de top pas vele seconden later eindigt in het voorzichtig enkele centimeters oplopen van de feedertop. En dát is dan het moment om de haak te zetten. Wees niet verbaasd wanneer die minimale aanbeet gewoon een vis oplevert van meer dan een pond. Misschien draaf ik door, maar dit vind ik echt een schitterende manier van vissen. Afgelopen weekend was ik getuige van wat je noemt: 'less is more' oftewel in dit geval: met minimale middelen maximale vangsten boeken. Frank van der Schaft (zie de openingsfoto van deze bijdrage) viste op de Amstel met de feeder. Hij gebruikte daarbij een heel klein voerkorfje met daarin een klein propje voer, enkele casters en een minimale hoeveelheid pinkies. Ondanks (of dankzij!) deze minimale aanpak wist hij uiteindelijk 21 vissen te vangen, goed voor een totaalgewicht van bijna 18 kilo. Dat was meer dan genoeg om de wedstrijd te winnen.

 

De-minste-maand-van-het-jaar-05

Zelfs in februari een mooi netje vis vangen, dát is de uitdaging!

 

Frank is opnieuw geselecteerd voor het WK-team voor het WK-Feedervissen en vist sinds kort voor Preston Innovations. Het is mooi om te zien hoe zo'n getalenteerde visser het water als het ware leest en op de juiste manier aan de slag gaat. Van jongens als Frank gaan we in de toekomst nog veel plezier beleven, daarvan ben ik heilig overtuigd.


Reactie plaatsen

 

Uw reactie is meer dan welkom en zal bij goedkeuring door de redactie geplaatst worden.

 

Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties geplaatst.